Deuteronomium 16:9-17
9 Zeven weken moet u aftellen: zeven weken nadat de eerste sikkel in het koren is gezet 10 moet u voor de HEER, uw God, het Wekenfeest vieren, zo uitbundig als uw vrijwillige gaven het toelaten, naar de mate waarin de HEER, uw God, u zegent. 11 Ten overstaan van Hem moet u dan feestvieren, samen met uw zonen en dochters, uw slaven, uw slavinnen, de Levieten die bij u in de stad wonen, en de vreemdelingen, de weduwen en de wezen. Doe dat op de plaats die de HEER, uw God, zal kiezen om er zijn naam te laten wonen. 12 Bedenk dat u zelf in Egypte slaaf bent geweest; houd u daarom zorgvuldig aan deze voorschriften. 13 Wanneer het graan is gedorst en de druiven zijn geperst, moet u gedurende zeven dagen het Loofhuttenfeest vieren. 14 Vier dan uitbundig feest, samen met uw zonen en dochters, uw slaven, uw slavinnen, en de Levieten, de vreemdelingen, de weduwen en de wezen die bij u in de stad wonen. 15 Zeven dagen lang moet u voor de HEER, uw God, feestvieren op de plaats van zijn keuze. Hij zal immers al uw werk zegenen en u een rijke oogst geven, zodat u uitbundig feest kunt vieren. 16 Driemaal per jaar moeten alle mannen dus voor de HEER, uw God, verschijnen op de plaats die Hij zal kiezen: voor het feest van het Ongedesemde brood, het Wekenfeest en het Loofhuttenfeest. Ze mogen daar niet met lege handen komen; 17 ieder moet geven naar de mate waarin de HEER, uw God, hem heeft gezegend. (NBV21)
Naast de feesten Pesach en het Wekenfeest kent de Hebreeuwse Bijbel ook het Loofhuttenfeest. In het Nieuwe Testament overigens ook door Jezus van Nazareth. Ook dit feest is een oogstfeest verbonden met het herdenken van de bevrijdingsgeschiedenis van Israël. Bij dit feest wordt de tocht door de woestijn herdacht. Bij het vieren van die tocht met als centrale wet het Heb Uw Naaste Lief als Uzelf, staat dat liefhebben centraal. Dan wordt er uitbundig feest gevierd, maar dat feest moet je delen. Aan je feest moeten naast je familieleden ook je slaven en slavinnen, je knechten en de vreemdelingen die je helpen deelnemen, ook moet er plaats zijn voor de armen.
Het feest wordt gevierd bij het centrale Heiligdom, in de loop van de geschiedenis is dat de Tempel in Jeruzalem geworden, maar oorspronkelijk had elke stam een eigen heiligdom. Alleen de Samaritanen hadden dat nog over tijdens het leven van Jezus van Nazareth. In de Tempel werkten de Levieten die ook in alle steden van Israël de rechtspraak verzorgden. Ook zij moesten mee mogen doen in de maaltijd van het Wekenfeest. Het Pesachfeest, het feest van Bevrijding is voor Christenen het feest van de bevrijding van de dood geworden. Niet langer was de angst voor de dood, angst voor een dodende overheid, bepalend voor je gedrag, maar de liefde voor allen. Daarom werd een maaltijd als op het Wekenfeest, waarop brood en wijn werd gedeeld, de centrale rite uit het Christendom, ter herinnering aan Jezus van Nazareth die de liefde door de dood heen vol wist te houden.
Aanvankelijk werd op dat Pesachfeest ook de herinnering aan de uitstorting van de Geest en de Hemelvaart gevierd. Je kunt dat op het eind van het evangelie van Lucas nalezen. Later werd de oogst die de Geest aan de Christelijke gemeente had gebracht gevierd op het Wekenfeest en nog later kreeg de Hemelvaart haar bijzondere plaats. Een restant van het Loofhuttenfeest is wellicht terug te vinden in de Dankdag voor gewas en arbeid die in de kerken van de Reformatie in het najaar wordt gevierd op een woensdag. Bij al die feesten gaat het niet om offers te brengen aan een God om die gunstig te stemmen, maar om te delen van wat je hebt. Erkening dat wat je hebt gekregen niet door jezelf is verdiend maar gekregen is uit Gods hand, het offer uit de dankbaarheid voor die God. Dank voor het leven in vrijheid dat we mogen leven en dat we ook anderen mogen geven, ook vandaag weer.