1 Samuël 18:6-16
6 Bij de intocht van het leger, toen David terugkeerde van zijn overwinning op de Filistijn, liepen in alle steden van Israël de vrouwen zingend en dansend uit om koning Saul feestelijk in te halen met muziek van tamboerijnen en rinkelbellen. 7 Opgetogen zongen ze: ‘Saul versloeg ze bij duizenden, David bij tienduizenden.’ 8 Saul ergerde zich aan dit lied en werd woedend: ‘David geven ze er tienduizenden en mij maar duizenden. Nog even en ze geven hem het koningschap!’ 9 Vanaf die dag begon Saul David te wantrouwen. 10 De volgende dag werd Saul opnieuw overmand door een kwade geest van God. Hij liep als een razende door het huis, met zijn speer in de hand, terwijl
David zoals gewoonlijk op de lier tokkelde. 11 ‘Ik spies die jongen aan de muur!’ riep Saul uit. Hij wierp zijn speer, maar David kon hem tot tweemaal toe ontwijken. 12 Toen begon Saul bang te worden voor David, omdat hij merkte dat de HEER hem verlaten had en David bijstond. 13 Hij wilde David niet meer in zijn buurt hebben en stelde hem aan als bevelhebber over een eenheid van duizend man. Aan het hoofd van zijn troepen ondernam David verschillende veldtochten, 14 en hij bracht ze alle tot een goed einde omdat de HEER hem bijstond. 15 Toen Saul zag dat David slaagde in alles wat hij ondernam, werd hij nog banger voor hem. 16 Maar verder droeg iedereen in Israël en Juda David op handen, omdat hij hen steeds opnieuw aanvoerde in hun veldtochten. (NBV21)
We hebben twee verhalen gelezen over de komst van David aan het hof van Saul. In het eerste verhaal werd hij gevraagd als muzikant die met zijn muziek de boze geest moest verdrijven die de God van Israël Saul had gestuurd. In het tweede verhaal kwam David aan het hof als krijgsman, de overwinnaar van Goliat. Er was dus een dubbele relatie tussen Saul en David. Saul had David nodig als therapeut, muziektherapeut die hem verloste van zijn aanvallen, maar tegelijk werd David een concurrent in de populariteit met het volk die aan David tienduizend dode Filistijnen toedichtte en aan Saul maar duizend.
Saul kennen we als een ijdel man. Van ijdelheid hebben meer machthebbers last. Zeker als ze niet kunnen hebben dat er iemand is die hen de waarheid over hun optreden zegt. Mensen die dat durven worden snel uit de omgeving van de machthebber verwijderd. Ontslag, als crimineel vervolgd of opgesloten in een psychiatrische inrichting. en als het zelf machthebbers zijn die bondgenoten zouden moeten zijn dan kunnen ze rekenen op een vernederende scheldpartij. Saul zoekt nog naar trucs om van die concurrent af te komen.
In het gedeelte van vandaag zien we er twee. Saul wordt af en toe bezeten door een boze geest. Dat hij zelf niet met zijn onvrede en angsten om kon gaan en dat die af en toe tot uitbarstingen konden leiden was nog niet bekend. David was ingehuurd om die boze geest te verdrijven. En nu kon het aan de boze geest worden toegeschreven als Saul David vermoordde. Maar dat ging niet op. Dan de volgende truc. Laat hem sneuvelen. David zou de truc later ook gebruiken. Maar Saul lukt het niet. David sneuvelt niet maar wint en wordt ,steeds populairder. Het verhaal leert ons uiterst voorzichtig te worden als het gaat om ijdele machthebbers, ze zijn een ramp voor de mensen, maar lastig te bestrijden, ook vandaag weer.