Waar bent U op uit

Johannes 4:27-42

27 Op dat moment kwamen zijn leerlingen terug, en ze verbaasden zich erover dat Hij met een vrouw in gesprek was. Toch vroeg niemand: ‘Waar bent U op uit?’ of: ‘Waarom spreekt U met haar?’ 28 De vrouw liet haar kruik staan, ging terug naar de stad en zei tegen de mensen daar: 29 ‘Kom mee, er is iemand die alles van mij weet. Zou dat niet de messias zijn?’ 30 Toen gingen de mensen de stad uit, naar Hem toe. 31 Intussen zeiden de leerlingen tegen Jezus: ‘Rabbi, U moet iets eten.’ 32 Maar Hij zei: ‘Ik heb voedsel dat jullie niet kennen.’ 33 ‘Zou iemand Hem iets te eten gebracht hebben?’ zeiden ze tegen elkaar. 34 Maar Jezus zei: ‘Mijn voedsel is: de wil doen van Hem die Mij gezonden heeft en zijn werk voltooien. 35 Zeggen jullie niet: “Nog vier maanden en dan komt de oogst”? Ik zeg jullie dit: kijk om je heen, dan zie je dat de velden rijp zijn voor de oogst! 36 Nu al krijgt de maaier zijn loon en verzamelt hij vruchten voor het eeuwige leven, zodat de zaaier en de maaier tegelijk feest kunnen vieren. 37 Hier is het gezegde van toepassing: De een zaait, de ander maait. 38 Ik stuur jullie eropuit om een oogst binnen te halen waarvoor je geen moeite hebt hoeven doen; dat hebben anderen gedaan en jullie maken hun werk af.’ 39 In die stad kwamen veel Samaritanen tot geloof in Hem door het getuigenis van de vrouw: ‘Hij weet alles van mij.’ 40 Ze gingen naar Hem toe en vroegen Hem bij hen te blijven. Toen bleef Hij nog twee dagen. 41 Nog veel meer mensen kwamen tot geloof door wat Hij zei; 42 ze zeiden tegen de vrouw: ‘Wij geloven nu niet meer om wat jij gezegd hebt, maar we hebben Hem zelf gehoord en we weten dat Hij werkelijk de redder van de wereld is.’
(NBV21)

Jezus van Nazareth leeft, volgens dit verhaal, van het doen van de wil van zijn Vader. Heb Uw naaste lief als Uzelf, dat was het grootste gebod en daar leef je niet alleen naar, daar leef je van. Je moet wel oog hebben voor wie je naaste is. Ook als je bij die rare vreemdelingen gaat winkelen dan nog ben je omgeven door mensen die je liefde meer dan ooit nodig hebben. De leerlingen van Jezus waren immers de stad ingegaan om eten te kopen. Als ze terugkeren zit hij te praten met een Samaritaanse vrouw die er vervolgens vandoor gaat de stad in. Zij hadden geen oog gehad voor de mensen die nu de stad uitkomen. De velden zijn rijp voor de oogst zegt de Rabbi er van, maar ze hadden ze gemist. Het waren dan ook maar Samaritanen. Voor vreemdelingen, ook al wonen we nog zo dichtbij hebben we geen oog.

Ze lijken allemaal op elkaar, ze hebben rare kleren en rare gewoonten. We verstaan ze vaak ook niet goed. We moeten er moeite voor doen om kennis te maken. De wereld is toch maar weinig veranderd sinds de dagen van Jezus van Nazareth. Toch willen ook de vreemden van vandaag deel uit maken van onze samenleving. Niet dat ze net als ons willen worden maar ze willen samen met ons een nieuwe samenleving vormen. Hun eigen plaats van aanbidding blijft van hen, net zoals in de dagen van Jezus van Nazareth de bron van Jacob de bron van Jacob bleef. Jezus van Nazareth nam ze niet mee naar Jeruzalem maar bleef een extra dag in Samaria. Kunnen we dan de mensen aanspreken op grond van het goede dat we willen doen? Mohammed wilde een nieuwe samenleving rond Mekka stichten. Hij wilde af van de aanbidding van stenen beelden, af van stammenoorlogen, van uitbuiting op grond van godsdienst, van minachting en mishandeling van vrouwen. Veel van die idealen kennen wij ook.

Net als de Moslims worden ook wij opgeroepen te delen met de minsten in onze samenleving. Net als de Moslims worden ook wij geroepen om vrede te stichten en hen te bestrijden die de oorlogen willen handhaven, uitlokken en voortzetten. Natuurlijk zijn er verschillen, we komen nu eenmaal uit verschillende delen van de wereld met verschillende geschiedenissen. Het is te begrijpen dat veel Moslims bang zijn voor overheersing door de zogenaamde Christelijke wereld. Veel Moslimlanden zijn eeuwenlang bezet geweest door westerse mogendheden die hun rechtspraak, hun godsdienst en hun cultuur wilden opleggen. Nederland was de bezetter van het grootste Moslimland in de wereld, Indonesië. Maar dat neemt niet weg dat we ons niet schuldig hoeven te voelen als we werkelijk een nieuwe samenleving willen vormen, een samenleving van eerlijk delen waar voor iedereen een plaats is. Ook bij ons zijn de velden wit om te oogsten en wordt het tijd er samen aan te beginnen.

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *