Nooit zal Ik u verlaten

Hebreeën 13:1-16

1 Houd de onderlinge liefde in stand 2 en houd de gastvrijheid in ere, want zo hebben sommigen zonder het te weten engelen ontvangen. 3 Bekommer u om de gevangenen alsof u samen met hen gevangenzat, en om de mishandelden alsof u zelf mishandeld werd. 4 Houd het huwelijk in ere, in alle omstandigheden, en houd het echtelijk bed zuiver, want ontuchtplegers en echtbrekers zal God veroordelen. 5 Laat uw leven niet beheersen door geldzucht, neem genoegen met wat u hebt. Hij heeft immers zelf gezegd: ‘Nooit zal Ik u afvallen, nooit zal Ik u verlaten,’ 6 zodat we vol vertrouwen kunnen zeggen: ‘De Heer is mijn helper, ik heb niets te vrezen. Wat zouden mensen mij kunnen doen?’ 7 Denk aan uw leiders, die het woord van God aan u hebben verkondigd, neem een voorbeeld aan hun geloof en kijk vooral goed hoe hun levenswandel eindigt. 8 Jezus Christus blijft dezelfde, gisteren, vandaag en tot in eeuwigheid! 9 Laat u niet misleiden door allerlei vreemdsoortige leerstellingen; we doen er goed aan ons te laten sterken door genade, niet door spijzen waar de aanhangers van die stellingen in het geheel geen baat bij hadden. 10 Wij hebben een altaar waarvan zij die in de tent dienstdoen niet mogen eten. 11 De offerdieren, waarvan het bloed door de hogepriester het heiligdom wordt binnengedragen voor het reinigingsoffer, worden buiten het kamp verbrand. 12 Daarom heeft ook Jezus, om met zijn eigen bloed het volk te heiligen, buiten de stadspoort geleden. 13 Laten we dus het kamp verlaten, ons bij Hem voegen en delen in zijn vernedering. 14 We hebben hier immers geen blijvende stad, wij kijken juist verlangend uit naar de stad die komt. 15 Laten we met Jezus’ tussenkomst voortdurend aan God een dankoffer brengen: het huldebetoon van lippen die zijn naam belijden. 16 En houd de liefdadigheid en de onderlinge solidariteit in ere, want dat zijn offers waarin God behagen schept. (NBV21)

Vandaag een gedeelte uit de Bijbel dat een rare beroemdheid heefdt. Vers 8, over heden en gisteren dezelfde, hangt bij aartsconservatieven in grote letters geschilderd aan de muur. Aangezien Jezus van Nazareth hun alles is staat er volgens hen dus in de Bijbel dat alles altijd hetzelfde moet blijven en dat het geijver voor een andere, een betere wereld afbreuk doet aan het Christendom. Ze zouden beter de eerste zeven verzen van dit laatste hoofdstuk van de Hebreeënbrief in grote letters aan de muur hangen. Voor elke dag een vers. Dan zouden ze begrijpen dat onder alle veranderde omstandigheden de liefde van Christus ons nog steeds uitdaagt om aan het werk te gaan. Die uitdaging tot een leven van liefde verandert niet. De problemen van onderlinge liefde veranderen. Hoe organiseer je nu in een wereld van individuen datop tijd opgemerkt wordt dat er iemand aan het afhaken is, iemand aan het ziek worden is? Binnen de arbeidsmarkt met thuiswerken en electronische contacten is dat toch een probleem geworden.

Hetzelfde geldt voor de gastvrijheid. We kennen natuurlijk het verhaal van Abraham die een aantal vreemdelingen die uit de woestijn op kwamen dagen te eten en te drinken gaf. Dat bleken niet alleen engelen te zijn, boodschappers van God die kwamen vertellen dat Sara zwanger zou worden, maar daar bleek de Heer zelf bij te zijn die beloofde Sodom niet te vernietigen als er nog vijf rechtvaardigen gevonden zouden worden. Maar als er bij ons vreemdelingen komen opdagen dan nemen we ze zeker niet op als boodschappers van onmenselijke situaties waarvoor iedereen op de vlucht zou slaan. De schrijnende armoede waaronder miljoenen op aarde moeten leven weten wij aardig buiten de deur te houden onder het motto dat zij die de schrijnende armoede weten te ontvluchten bij ons komen profiteren van onze welvaart. Het gemeste lam wordt bij ons niet geslacht voor vreemdelingen uit de woestijn, zelfs kinderen die hier al jaren wachten op onze gastvrijheid mogen hier niet blijven.

Ook het huwelijk is bij ons niet heilig. We sluiten huwelijken die bestemd zijn voor wederzijdse lustbevrediging en als de lust bevredigd is weer net zo snel uit elkaar vallen als ze gesloten werden. We hebben daar zelfs speciale spoedprocedures voor. Lust en welvaart drijven ons handelen in dit leven. Geld is het allerbelangrijkste. Een dag in de week waarop we samen vrij zijn van de slavernij van produceren en consumeren is tot een vloek geworden. Zeven dagen per week zult ge vierentwintig uur per dag consumeren en produceren lijkt het eerste gebod te zijn geworden. Vertrouwen op een God die we niet zien maar toch voor ons zorgt is een geestelijke stoornis lijkt het wel. En soms veranderd een huwelijk in een gevangenis. De sterkste heeft het voor het zeggen, tegenspraak wordt beantwoord met geweld. Niemand let er op. We bemoeien ons niet met elkaar. Het gebeurt achter dichte muren, als buiten de stad. Dat samen leven ook samen voor elkaar zorgen betekent is verdwenen. Alleen een handjevol gelovigen die het verhaal horen en hebben geloofd blijft aan die droom vasthouden. Elke dag mag dat weer opnieuw. Ook vandaag nog.

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *