1 Samuël 18:17-30
17 Toen zei Saul tegen David: ‘Hier is mijn oudste dochter Merab. Ik bied je haar als vrouw aan, op voorwaarde dat je in mijn dienst je heldhaftigheid blijft tonen en voor de HEER ten strijde trekt’ -want hij dacht bij zichzelf: Ik hoef hem niet zelf om het leven te brengen, laten de Filistijnen dat maar doen. 18 David antwoordde: ‘Wie ben ik en wat heeft mijn familie, de verwanten van mijn vader, in Israël te betekenen, dat ik een schoonzoon van de koning mag worden?’ 19 Toen de dag was aangebroken dat Merab, de dochter van Saul, met David in het huwelijk zou treden, werd ze uitgehuwelijkt aan Adriël uit Mechola. 20 Ondertussen was Sauls dochter Michal verliefd geworden op David. Saul hoorde hiervan en het kwam hem goed uit. 21 Ik bied hem Michal als vrouw aan, dacht hij, dan loopt hij door haar in de val en kunnen de Filistijnen hem om het leven brengen. Tegen David zei hij: ‘Je kunt alsnog mijn schoonzoon worden, door met mijn tweede dochter te trouwen.’ 22 En zijn hovelingen droeg hij op: ‘Gaan jullie eens met David praten, maar doe dat onopvallend. Zeg tegen hem: “Zie je wel dat de koning op je gesteld is? En al zijn dienaren mogen je graag. Grijp dus je kans om de schoonzoon van de koning te worden.”’ 23 Sauls hovelingen brachten deze woorden aan David over, maar hij antwoordde: ‘Jullie denken zeker dat het zo eenvoudig is om schoonzoon van de koning te worden. Ik ben anders maar een arm en eenvoudig man.’ 24 Toen ze aan Saul vertelden wat David gezegd had, 25 zei hij: ‘Zeg tegen David dat de koning niet aan een bruidsprijs hecht en dat hij genoegen neemt met de voorhuiden van honderd Filistijnen, als wraak op zijn vijanden.’ Het was zijn bedoeling dat David op die manier zou sneuvelen in de strijd tegen de Filistijnen. 26 De hovelingen brachten Sauls woorden aan David over, en die stemde er toen mee in om schoonzoon van de koning te worden. Nog binnen de termijn voldeed hij aan de gestelde voorwaarde. 27 Hij rukte met zijn troepen uit en doodde tweehonderd Filistijnen. Hun voorhuiden nam hij mee om ze aan de koning af te dragen. Het waren er meer dan genoeg om de hand van de koningsdochter te verwerven, en Saul gaf hem zijn dochter Michal tot vrouw. 28 Uit dit alles maakte Saul op dat de HEER David bijstond. Bovendien had zijn dochter Michal David lief. 29 Zijn angst voor David nam nog toe, en van toen af was hij Davids aartsvijand. 30 En telkens als de Filistijnse bevelhebbers een aanval op Israël ondernamen, streed David met meer succes tegen hen dan een van Sauls andere dienaren. Zo oogstte hij steeds meer roem.(NBV21)
David werd een concurrent van Saul, in de populariteit met het volk die aan David tienduizend dode Filistijnen toedichtte en aan Saul maar duizend. Maar Saul had David ook nodig als therapeut, de harp verzachtte zijn woede. Saul probeert nu David in die dubbele relatie te treffen. Hij biedt hem de hand van zijn oudste dochter en maakt hem legeroverste over duizend soldaten. Maar als David zal trouwen met Merab trouwt zij met een ander en als legeroverste staat David tegen een overmacht van Filistijnen. Op beide fronten wordt David echter toch winnaar Want de andere dochter van Saul wordt verliefd op David zodat het huwelijk dat zal volgen een huwelijk uit liefde wordt en niet uit berekening. En de oorlogen die David moet voeren worden door hem steeds gewonnen.
Zelfs als Saul terugvalt op de gewoonte van Abraham, voorhuiden van vijanden afsnijden als bewijs van overwinning, wint David nog. In de eerste oorlog die in Genesis wordt beschreven voert Abraham oorlog om Lot en de bondgenoten in Kanaän te beschermen. Als teken van overwinning neemt Abraham de voorhuiden van de vijanden. Daarna laat hij zichzelf besnijden zodat hij onoverwinnelijk wordt. Nu moet David de voorhuiden van de onbesneden Filistijnen nemen om Michal voor zich te winnen. Een riskante operatie want je kunt niet letten op wat de vijand doet. Maar weer heeft David succes en hij neemt het dubbele aantal mee naar huis.
Het is het uiteindelijke bewijs voor Saul dat hij niet langer in de gunst staat bij de God van Israël. Het lukt hem niet zijn rivaal te laten sneuvelen in de strijd met de Filistijnen. Het zal veel verder in het verhaal David overigens wel lukken een rivaal te laten sneuvelen in de strijd om Batseba. Saul wordt gewoon bang voor David en angst is een slechte raadgever. Het verhaal laat het contrast zien tussen Koningen en bestuurders zoals wij ze ook kennen en Koningen en bestuurders zoals de God van Israël die wil. David blijft volhouden een eenvoudig man te zijn die zich in dienst van volk en koning stelt ter ere van zijn God. Saul blijft streven naar eer en glorie voor zichzelf, desnoods ten koste van zijn eigen onderdanen en ten koste van zijn meest succesvolle legeraanvoerder. Wij mogen dus leren te letten op regeerders die meer letten op eigen eer en glorie, op eer en glorie voor het volk dat ze regeren dan dat ze letten op vrede en recht, ook vandaag weer.